De Wet Affectieschade: 4 vragen en antwoorden

Affectieschade: wat is het eigenlijk? Affectieschade is de immateriële schade die iemand lijdt doordat een persoon – waarmee men een affectieve band heeft – door toedoen van een ander ernstig gewond raakt of overlijdt. Deze immateriële schade kan bestaan uit leed, verdriet of gederfde levensvreugde. Met ingang van 1 januari 2019 zijn de artikelen 6:107 en 6:108 BW gewijzigd, waardoor de mogelijkheid is ontstaan om een beroep te doen op de vergoeding van affectieschade. De vordering moet worden neergelegd bij degene die aansprakelijk is voor de schadeveroorzakende gebeurtenis. Dit betekent dat ook jij als ondernemer een risico loopt, en er dus verstandig aan doet om van de nieuwe regels op de hoogte te zijn. Onze jurist civiel recht Meike Dobbelaar beantwoordt vier vragen omtrent de wet.

Hoe zat het ook alweer?
Uitgangspunt in het Nederlandse recht is dat immateriële schadevergoeding slechts verschuldigd is voor zover de wet daartoe mogelijkheden biedt. Tot 1 januari 2019 kon alleen het slachtoffer zelf aanspraak maken op vergoeding van zijn immateriële schade. Naasten en nabestaanden konden een vergoeding voor hun leed en verdriet niet op de aansprakelijke persoon verhalen. Ook de jurisprudentie bood geen basis voor een dergelijke vergoeding. Derden konden op grond van art. 6:107 en 6:108 BW alleen een beroep doen op de zogenaamde ‘verplaatste schade’ en de vergoeding van het ‘gederfde levensonderhoud’.

Aangezien in vrijwel alle Europese landen al wél de mogelijkheid bestond om een beroep op affectieschade te doen, bleef deze kwestie ook in Nederland onderwerp van politiek debat. Op 28 mei 2014 werd het wetsvoorstel vergoeding van affectieschade ingediend, op 10 april 2018 nam de Eerste Kamer het wetsvoorstel aan en op 1 januari 2019 trad de wet in werking. Hiermee is het aantal gerechtigden voor vergoeding van immateriële schade uitgebreid.

Wat verandert er?
Naasten en nabestaanden kunnen met de inwerkingtreding van de wet affectieschade zelfstandig aanspraak maken op vergoeding van hun immateriële schade. De artikelen 6:107 BW en 6:108 BW bieden hiervoor de grondslag. Er is gekozen voor een regeling met vastgestelde bedragen (variërend van € 12.500,-  tot € 20.000,-) en een ‘vaste’ kring van gerechtigden (partnerrelaties, ouder-kindrelaties en zorgrelaties in gezinsverband). Ook is een hardheidsclausule ingebouwd, waarmee personen die in ‘nauwe persoonlijke betrekkingen’ met het slachtoffer staan aanspraak kunnen maken op vergoeding van affectieschade. De hoogte van het bedrag wordt gekoppeld aan de impact van de schade-intredende gebeurtenis.

Het spreekt voor zich dat niet iedere gebeurtenis recht geeft op vergoeding van affectieschade. Een naaste of nabestaande kan aanspraak maken op affectieschade als het slachtoffer is overleden of ‘ernstig of blijvend letsel’ oploopt. Volgens de Memorie van Toelichting is van blijvend en ernstig letsel (in ieder geval) sprake als er een blijvend functioneel verlies van 70% of meer is ontstaan. Een lager functieverlies dan 70% kan ook als voldoende ernstig worden beschouwd, maar wel zal in dat geval een nadere onderbouwing van de naaste nodig zijn. De essentie van het criterium komt erop neer dat het letsel van het slachtoffer dermate ernstig is, dat zowel het leven van het slachtoffer als dat van zijn naaste op zijn kop is gezet.

Is er ook kritiek?
De wet affectieschade biedt –  op een pragmatische en verantwoordelijke wijze – de maatschappelijk wenselijk geachte erkenning en genoegdoening. Toch worden er op bepaalde onderdelen van de wet kritische noten geplaatst. Mogelijk zorgen de begrippen ‘ernstig en blijvend letsel’ en ‘nauwe persoonlijke betrekkingen’ in de praktijk voor de nodige discussies. Daarnaast wordt ook wel genoemd dat het vergoeden van affectieschade zorgt voor een opkomst van de claimcultuur en een commercialisering van verdriet. Waar eventuele pijnpunten zitten, zal in de toekomst moeten blijken.

Wat betekent de nieuwe wet voor jou als ondernemer?
Het kan zijn dat jij als ondernemer aansprakelijk bent voor een bedrijfsongeval of andere schadeveroorzakende gebeurtenis. Misschien werken jouw werknemers wel met gevaarlijke machines of stoffen. Mocht het onverhoopt gebeuren dat een schadeveroorzakend voorval plaatsvindt, waardoor één van jouw medewerkers of klanten ernstig blijvend letsel oploopt of zelfs overlijdt, houd er dan rekening mee dat de naasten en/of nabestaanden aanspraak kunnen maken op vergoeding van hun immateriële schade. Laten we hopen dat het zo ver niet komt!

Heeft er bij jou een schadeveroorzakende gebeurtenis plaatsgevonden? Wil jij weten hoe het zit met de aangepaste wetsartikelen? Of heb je vragen over dit artikel, of over andere juridische zaken? Neem dan contact met mij op per e-mail dobbelaar@legalmatters.com of telefonisch 088 – 6288 388. Ik help je graag verder!

Meike Dobbelaar

Mis niets meer, ontvang wekelijks het laatste juridische nieuws!

Waarom Capri Sun haar vormmerk kwijtraakte

Waarom Capri Sun haar vormmerk kwijtraakte. Vrijbrief om de nietigheid van haar modelregistraties in te roepen?

Door Roos Sibbes | juli 31, 2019

Capri Sun, producent van kinderdrankjes in de bekende sta-zakjes, raakt haar vormmerk kwijt. Wat betekent dat in de praktijk?   Wat speelde zich af? Capri Sun Ag (hierna: Capri Sun) brengt kindervruchtensappen in de bekende ‘sta-zakjes’ op de markt onder het merk CAPRI SUN. Capri Sun heeft in 1997 een Internationale aanvraag voor een vormmerk…

Intersnack kraakt een harde noot met het merkrecht op Tijgernootjes

Intersnack kraakt een harde noot met het merkrecht op Tijgernootjes

Door Bodil Koppejan | juli 10, 2019

Iedereen kent de lekkernij wel van een feestje of van een gezellig avondje op de bank: het Tijgernootje. Sinds 1993 produceert en verhandelt Frito-Lay, eigenaar van Duyvis, de welbekende pinda waarvan de buitenste laag twee verschillende kleuren heeft waardoor er een tijgerpatroon ontstaat. Onlangs boog de rechtbank Gelderland zich over een zaak waarin het uiterlijk…

Koop is koop

De man met de hamer: koop is koop!

Door Babette van de Venne | juli 17, 2019

Op grond van de wet moet aan twee ‘simpele’ vereisten worden voldaan om een rechtsgeldige overeenkomst tot stand te laten komen. Er moet sprake zijn van een aanbod en van de aanvaarding van dat aanbod. Dit klinkt heel simpel, maar vaak ligt het toch iets genuanceerder dan dat. Een goed voorbeeld hiervan is de zaak…

#4, Vakblad Aannemer, waarschuwingsplicht

‘Er blijft weinig over van de eerste etage’: voldoende waarschuwing?

Door Babette van de Venne | april 30, 2019

Bij het uitvoeren van aannemingswerkzaamheden kan schade ontstaan. De opdrachtgever stelt zich in zo’n geval vaak op het standpunt dat er sprake is van wanprestatie, en houdt de aannemer aansprakelijk voor de schade. Aansprakelijk zijn voor schade vindt niemand prettig en zeker niet als de schade groot is. Daarom proberen aannemers hun aansprakelijkheid vaak contractueel…