Een betalingstermijn van meer dan 60 dagen: mag dat?

Grote ondernemingen mochten bij het sluiten van een overeenkomst tot voor kort een zeer lange betaaltermijn hanteren, bijvoorbeeld van 120 dagen. Zoals je je kunt voorstellen was dit zeer nadelig voor zelfstandig ondernemers of mkb’ers. Aan deze regeling is een einde gekomen met een nieuwe wet. Hoe dit precies zit, legt onze civielrechtjurist Daisy Kruijver uit.

Wat is er veranderd?
Vorig jaar trad de wet ‘Wet uiterste betaaltermijn van zestig dagen voor grote ondernemingen’ in werking. Deze wet beoogt onredelijk lange betalingstermijnen, die grote ondernemingen vaak opleggen als er vanuit hun zijde betaald moet worden, tegen te gaan. Grote ondernemingen kunnen nu geen langere betalingstermijn dan 60 dagen meer overeenkomen met midden- en kleinbedrijf (mkb) en zelfstandig ondernemers als leverancier of dienstverlener.

Sinds 2013 geldt als uitgangspunt dat de betaaltermijn tussen handelspartijen standaard 30 dagen is. Partijen hebben de vrijheid om een langere betaaltermijn af te spreken, tot 60 dagen. Voor het ingaan van de nieuwe wet mochten partijen bij een handelstransactie ook een betalingstermijn van langer dan 60 dagen afspreken. Wel moesten beide partijen hier uitdrukkelijk mee instemmen, en mocht deze lange betalingstermijn niet ‘kennelijk onbillijk’ zijn voor de schuldeiser. Maar wanneer een betalingstermijn precies kennelijk onbillijk was, was niet altijd helder en dit zorgde voor veel onduidelijkheid.

Waarom een nieuwe wet?
In de praktijk is een kleinere onderneming vaak afhankelijk van grote ondernemingen. Een kleine leverancier of dienstverlener stemt daarom vaak in met een langere betalingstermijn. Het komt regelmatig voor dat grote bedrijven betalingstermijnen hanteren van soms wel 90 of 120 dagen, en soms zelfs langer. Mkb’ers kunnen hierdoor in de financiële problemen raken.

Bovendien stelt een kleine ondernemer zich niet snel op het standpunt dat sprake is van een kennelijk onbillijke betalingstermijn, uit angst de handelsrelatie te verstoren. De nieuwe wet biedt dus meer bescherming voor zelfstandig ondernemers en kleine en middelgrote ondernemers. Ook biedt de wet meer duidelijkheid.

Wat verbiedt de nieuwe wet?
Het is sinds invoering van de wet niet meer toegestaan om als grote onderneming een langere betalingstermijn dan 60 dagen met mkb-leveranciers af te spreken. Ook niet als beide partijen hier uitdrukkelijk mee instemmen. Een artikel in een overeenkomst waarin een langere betalingstermijn dan 60 dagen is opgenomen  is nietig. De betalingstermijn wordt dan van rechtswege omgezet naar een betalingstermijn van 30 dagen.

Indien de afnemer de factuur pas na 30 dagen betaalt, is hij van rechtswege wettelijke handelsrente verschuldigd over de termijn die de 30 dagen overschrijdt. De wettelijke handelsrente bedraagt op dit moment 8% per jaar. Dit kan dus flink in de papieren lopen.

Voor wie geldt de wet?
Het overgrote deel van de Nederlandse ondernemingen behoort tot het mkb. De wet geldt alleen als één van de twee contractspartijen een grote onderneming is. Hieronder vallen bedrijven die voldoen aan twee of drie van de volgende vereisten:

  • de waarde van de activa is meer dan 20 miljoen euro;
  • de netto-jaaromzet is meer dan 40 miljoen euro;
  • er werken meer dan 250 werknemers.

Bedrijven die aan de hierboven gestelde vereisten voldoen zijn te kwalificeren als grote ondernemingen.

Kortom: als mkb’er of zelfstandig ondernemer hoef jij nu niet meer akkoord te gaan met een langere betaaltermijn dan 60 dagen. Doe hier je voordeel mee!

Heb jij te maken met een te lange betaaltermijn? Wordt een factuur helemaal niet betaald? Of heb je vragen naar aanleiding van dit artikel of over andere juridische zaken? Neem dan contact met mij op per e-mail kruijver@legalmatters.com of telefonisch 088 – 628 388. Ik help je graag verder!

Daisy Kruijver

Mis niets meer, ontvang wekelijks het laatste juridische nieuws!

De Wet bescherming bedrijfsgeheimen een waardevolle toevoeging

De Wet bescherming bedrijfsgeheimen: een waardevolle toevoeging?

Door Babette van de Venne | januari 30, 2019

Anno 2019 is het geheimhouden van bedrijfsinformatie een stuk ingewikkelder en complexer dan voorheen. Werknemers stappen vaker over naar een andere werkgever of ze beginnen voor zichzelf. Het komt dan ook met enige regelmaat voor dat een (oud-)werknemer vertrouwelijke informatie kopieert en lekt aan die nieuwe werkgever of aan de concurrent. Daarnaast speelt de digitalisering…

De Wet Affectieschade 4 vragen en antwoorden

De Wet Affectieschade: 4 vragen en antwoorden

Door Meike Dobbelaar | januari 23, 2019

Affectieschade: wat is het eigenlijk? Affectieschade is de immateriële schade die iemand lijdt doordat een persoon – waarmee men een affectieve band heeft – door toedoen van een ander ernstig gewond raakt of overlijdt. Deze immateriële schade kan bestaan uit leed, verdriet of gederfde levensvreugde. Met ingang van 1 januari 2019 zijn de artikelen 6:107…

#10, Vakblad Aannemer, Retentierecht

Het retentierecht: de feiten op een rijtje

Door Michel Zaaijer | januari 11, 2019

Hopelijk is het niet aan de orde van de dag, maar het komt bij jou als ondernemer vast wel eens voor dat een andere partij niet betaalt. Hoe los je dit nu op? Een mogelijke manier is het uitoefenen van het zogenaamde ‘retentierecht’. Wat dit precies is en welke stappen genomen moeten worden, legt onze…

Het retentierecht de feiten op een rijtje

Het retentierecht: de feiten op een rijtje

Door Michel Zaaijer | oktober 31, 2018

Hopelijk is het niet aan de orde van de dag, maar het komt bij jou als ondernemer vast wel eens voor dat een andere partij niet betaalt. Hoe los je dit nu op? Een mogelijke manier is het uitoefenen van het zogenaamde ‘retentierecht’. Wat dit precies is en welke stappen genomen moeten worden, legt onze…